Over saskia

WIE WAS SASKIA UYLENBURGH?

Haar achternaam wordt soms geschreven als ‘Uylenburgh’ en dan weer ‘Van Uylenburgh’. Wij gebruiken hier de eerst vermelde naam.

Saskia van Uylenburgh (Gemäldegalerie, Staatliche Museen, Kassel)

Saskia (Saakje) van Uylenburgh is op 2 augustus 1612 in Leeuwarden gedoopt (Grote Kerk) en overleden op 14 juni 1642 in Amsterdam. Haar geboortehuis is aan de Ossekop 11 in Leeuwarden. Zie de plaquette aldaar.

Zij was de grote liefde van de schilder Rembrandt van Rijn en stond model voor een aantal van zijn belangrijke werken. Verderop staat waarom zij ook de kunst en de kunsthandel van de grote meester zelf heeft beïnvloed.

Saskia van Uylenburgh werd geboren als dochter van de jurist Rombertus Uylenburgh en Sjoukje Ozinga. Ze was de jongste van acht kinderen uit een gegoede familie. Haar vader was betrokken bij de oprichting van de Franeker universiteit. Hij werd in 1584 burgemeester van Leeuwarden, tevens afgevaardigde van de provincie Friesland naar Den Haag. Hij werd in 1584 uitgenodigd in Delft voor overleg bij Willem de Zwijger die na de maaltijd door Balthasar Gerards werd vermoord. Saskia´s vader schreef na de moord op de Prins van Oranje droogjes dat verdere besprekingen toen geen zin meer hadden.

Toen Saskia zeven was, stierf haar moeder, en in 1624 overleed ook haar vader. Zo was ze op haar twaalfde wees.  Ze werd opgenomen in het gezin van haar oudere zuster Hiskje van Uylenburgh in Sint Annaparochie, die was gehuwd met de jurist Gerrit van Loo, de secretaris van de grietenij het Bildt.

Saskia door Rembrandt (Rijksmuseum Amsterdam)

Waarschijnlijk leerde zij via haar oom, de bekende Amsterdamse kunsthandelaar Hendrick Uylenburgh, de schilder Rembrandt kennen, die toentertijd werkzaam was op het atelier in de  Sint Antoniebreestraat en bij hem inwoonde. Op 8 juni 1633 verloofden Saskia en Rembrandt zich. Op 10 juni 1634 tekende Rembrandt het ondertrouwregister van de  Oude Kerk te Amsterdam. Voor Saskia tekende dominee Johannes Silvius die met een nicht van Saskia was getrouwd. De verliefde Rembrandt maakte in die tijd een prachtige tekening in zilverstift van Saskia met een hoed en bloem. De kerkelijke inzegening vond plaats op 22 juni 1634 in de oude kerk (zelfde plek van de huidige Van Harenskerk)  te Sint Annaparochie. Het huwelijk werd ingezegend door Ds. Rudolphus Hermanus Luinga. Van Rembrandts familie was niemand aanwezig. Saskia woonde destijds in Sint Annaparochie en Franeker, want ze hielp haar zwager, Johannes Maccovius, een Poolse hoogleraar, nadat zijn vrouw Antje was overleden.

In 1636 beviel Saskia van haar eerste zoon, maar Rombertus stierf twee maanden na de geboorte. In 1638 stierf ook Cornelia, het tweede kind, enkele weken na de geboorte. In 1639 verhuisde het echtpaar van de  Nieuwe Doelenstraat naar de tegenwoordige Jodenbreestraat.

Woning Jodenbreestraat, nu het Rembrandthuis

In 1640 werd ook het derde kind begraven. In 1641 werd Titus geboren; hij werd genoemd naar Saskia’s zus, Titia, en zou een belangrijke plaats innemen in het leven van Rembrandt. In 1642 stierf Saskia op 29-jarige leeftijd, vermoedelijk aan tbc Ze werd begraven in de Oude Kerk te Amsterdam. Rembrandt, die kort tevoren de Nachtwacht onder toeziend oog van Saskia had voltooid, kwam na het overlijden van zijn grote liefde lange tijd niet meer aan schilderen toe

Vermoedelijk portret van Saskia als Flora, National Gallery Londen

. Hij richtte zich na haar dood tien jaar lang op etsen en tekeningen. In 1649 zou Rembrandt helemaal niets produceren. Hij raakte in financiële moeilijkheden (faillissement) en moest zelfs (1662) Saskia’s graf aan de kerk terug verkopen. Mede daardoor is het graf in stand gehouden: elk jaar vindt op 9 maart zelfs een herdenking plaats rond haar graf wanneer een zonnestraal dat graf belicht.

Het portret van Saskia hangt in vele internationale musea, ze heeft tal van keren model gestaan voor Rembrandt, niet zelden in de meest exotische uitdossingen.

Christoph Driessen schrijft in zijn boek over de vrouwen van Rembrandt dat Saskia voor hem niet alleen als echtgenoot en moeder veel heeft betekend maar ‘meer dan zijn muze’ was (zie zijn zeer lezenswaardige artikel over haar in het april/meinummer van  GESCHIEDENIS MAGAZINE: een echte aanrader).

Op het terrein van Rembrandts kunst onderhielden ze ook een professionele relatie met elkaar. Saskia, afkomstig uit een gegoed milieu, die ook familiefortuin inbracht, stelde Rembrandt in staat om op grotere voet te leven dan normaal gesproken van een molenaarszoon verwacht mocht worden. Maar ze wist, heel belangrijk voor de kunstenaar,  ook om te gaan met – vaak gegoede – opdrachtgevers, iets waar de talenten van Rembrandt bepaald niet lagen. Ze hielp dus ook actief mee bij het managen van de ‘BV Rembrandt’.

De viering van Saskia’s 400ste geboortejaar biedt een mooi aanknopingspunt om haar betekenis in beeld te brengen voor de kunst van de beroemdste kunstenaar die Nederland heeft voortgebracht.

Maar niet alleen dat: het gaat de Stichting Culturele Herdenkingen er ook om andere relaties tussen Rembrandt en Friesland in beeld te brengen. Dan spreken we bijvoorbeeld over de relatie tussen hem en zijn Friese schoonfamilie. Daar zijn positieve voorbeelden van te noemen. Zo waren het altijd familieleden van Saskia en niet die van Rembrandt die een belangrijke rol speelden bij ingrijpende familiegebeurtenissen, of het nu ging om hun bruiloft, de doop en begrafenis van de vier kinderen of om de latere schoonfamilie van hun zoon Titus waarbij de families elkaar opnieuw tegenkwamen.

Maar er waren ook spanningen tussen Rembrandt en zijn schoonfamilie. Leden van zijn schoonfamilie hebben Rembrandt er bijv. meermalen van beschuldigd dat hij verkwistend omging met het familiefortuin van de Uylenburghs. Daarover is aan het Hof van Friesland zelfs een proces gevoerd waarbij Rembrandt overigens, ondanks het feit dat Saskia´s broer Ulricus het echtpaar verdedigde, in het ongelijk werd gesteld.

Dit jaar zullen verschillende publicaties het licht zien waarbij op deze en andere aspecten over de relatie tussen Rembrandt via zijn vrouw Saskia en Friesland nader zal worden ingegaan. Het in mei gepresenteerde boek van Froukje de Jong-Krap over Saskia’s leven en Rembrandts voetstappen in Friesland is te koop  bij het Historisch Centrum Leeuwarden, het Martena Huis in Franeker en het Rembrandthuis in Amsterdam (128 blz., €12,50). Wie een heel indringend en veelzijdig beeld van haar leven wil krijgen mag het bezoeken van de  spectaculaire Saskiaviering in de Grote Kerk (Leeuwarden) op 13 oktober 2012 en de HCL-tentoonstelling niet missen. Opgave voor de Saskiaviering via info@saskia400.nl.

THEUN DE VRIES EN SASKIA

De bekende, in Veenwouden geboren schrijver Theun de Vries schreef in 1969 een prachtig boek over Rembrandt onder de titel ‘Meester en Minnaar’  waarin Saskia natuurlijk veelvuldig figureert. Steeds memoreren verschillende personages de belevenissen van het echtpaar zoals Saskia’s zus Titia (naar wie niet alleen hun zoon Titus is genoemd maar ook de –enige- kleindochter van Rembrandt), hun buurvrouw, Titus zelf etc.  Een enkel citaat.
Titia tot Saskia: ‘Deed hij jou een aanzoek? Die molenaarsjongen heeft wel durf in zijn lijf!’  Ineens zag ik het bloed naar Saskia’s wangen stijgen. ‘ Titia!’  zei ze. ‘Zeg me nu niet dat Rembrandt een plebejer is die zich niet met de patricische Uylenbughs meten kan! Degene die jij een molenaarsjongen noemt is al een beroemdheid, die weet wat hij wil en een fortuin tegemoet gaat!’  Jawel, dacht ik, als jij trouwt met jou, jouw schoonheid, geld en naam. Maar ik zei dat maar niet’. (blz. 26)
Titia:  ‘ Als wij in Amsterdam logeerden kon ik mij met mijn eigen ogen ervan overtuigen hoe stormachtig het tussen Rembrandt en mijn zuster bleef doorgaan. De man droeg haar op de handen. Het leek me of de uitgelaten fantasie die altijd een van Rembrandts schilderskwaliteiten was geweest, door haar op ongekende wijze werd aangemoedigd. Ik zag elke keer in het huis en het atelier nieuwe portretten van Saskia’. (blz. 29)
Een buurman: ‘ Mevrouw Saskia was nog geen twee jaar onder de zerken of Geertje liep op een dag met haar oorhangers, bloedkoralen, halskettingen, doekspelden, ringen. Kortom, de hele kostelijke juwelierswinkel die Rembrandt in zijn gloriedagen voor Saskia had gekocht of die Saskia als familiestukken had geërfd, sloten nu om Geertjes ronde, gladde hals of rustten op haar mollige boezem’. (blz. 42)
Cornelia (dochter Rembrandt):  ‘ Uit de portretten die hij van Saskia had gemaakt leek hij een geboren minnaar’ (…) Hoe moet ik de laatste doeken verklaren die hij maakte? Ik bedoel het doek met het bruidspaar, het is de herinnering aan de liefde zelf die hier model had gestaan. Titus zei later dat hij in de vrouw van het bruidspaar zijn moeder Saskia had herkend.’ (blz. 70)